Sla menu over en ga naar de inhoud

Milieudienst Regio Alkmaar - Bodemsanering

-

Bodemsanering

LeesVoor Lees voor
Regels
Om te voorkomen dat een sanering ergens anders problemen vroorzaakt en om de uitvoering te controleren, moet een sanering aan vastgestelde regels voldoen. Er zijn landelijke regels, maar ook specifieke voor de regio. Het is verstandig om een sanering voor te bereiden met een adviesbureau dat kennis heeft van het regionale beleid.
 
 
Eenvoudige sanering
Bij een eenvoudige sanering die niet verder reikt dan uw eigen terrein, kunt u kiezen voor de procedure van het Besluit Uniforme Saneringen (BUS). U doet een melding aan het bevoegd gezag (de gemeente of de provincie waar u de sanering uitvoert) en binnen vijf weken kunt u beginnen. Op de website van het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) kunt u de regels, de handreiking en de meldingsformulieren downloaden:
www.vrom.nl.

Ingewikkelde sanering
Als de verontreiniging en de sanering ingewikkelder is, kunt u gebruik maken van de normale regeling. Daarvoor dient u een saneringsplan in. De provincie of gemeente geeft in een beschikking aan of zij instemmen met het saneringsplan. Op deze beschikking kunnen belanghebbenden bezwaar aantekenen. Deze procedure duurt normaliter vijftien weken, maar kan onder voorwaarden ook worden verkort.


Zelf verantwoordelijk
Vergeet u vooral niet dat u in eerste instantie zelf verantwoordelijk bent voor de goede uitvoering van de sanering van uw terrein en voor het op tijd melden van de voortgang en eventuele afwijkingen ten opzichte van de eerste melding. Een lijst met adviesbureaus en aannemers die werken conform een landelijk afgesproken kwaliteitsstandaard voor bodemonderzoek en -sanering kunt u vinden op de website van SIKB:
www.sikb.nl.
 
 
Kosten van een sanering
Het bevoegd gezag probeert zoveel mogelijk de saneringen in ’Eigen Beheer’ te laten uitvoeren (Wbb, art. 43 - 47). Dit betekent dat ondernemers of particulieren de sanering dan zelf betalen. Bij bodemverontreiniging geldt immers in principe de regel: ’de vervuiler betaalt’. Dit wil zeggen dat in eerste instantie de veroorzaker van de verontreiniging ook de sanering moet bekostigen.
 
De veroorzaker van een verontreiniging hoeft niet altijd de saneringskosten te betalen. Er is afgesproken dat saneringskosten van verontreinigingen die voor 1975 zijn veroorzaakt, in principe niet meer op de veroorzaker kunnen worden verhaald. Gesteld wordt dat men voor 1975 niet bewust was van de gevolgen van bodemverontreiniging.
 
Soms is de veroorzaker van de bodemverontreiniging wel aansprakelijk, maar bestaat de veroorzaker niet meer. De veroorzaker (een bedrijf) kan zijn opgeheven of failliet zijn, maar de veroorzaker (persoon) kan ook zijn overleden. n dat geval is de huidige eigenaar van de verontreinigde bodem aansprakelijk en moet deze de uitvoering van de sanering betalen, tenzij de eigenaar kan bewijzen dat hij/zij:

• geen enkele betrokkenheid heeft bij het ontstaan van de verontreiniging én
• op het moment van het verkrijgen van het recht op het grondgebied niet op de hoogte was, dan wel redelijkerwijs niet op de hoogte had kunnen zijn, van de bodemverontreiniging.

In hoofdlijnen geldt dat bij het ontstaan van een bodemverontreiniging en het verwerven van een perceel na 1975, na 1983, na 1987 en na 1995 de kans op een subsidiebijdrage steeds verder afneemt (tot nul). Daarentegen, bij herstructurering (herontwikkeling) is soms wel subsidie mogelijk.

LeesVoorLees voor